KLOOTZAK
Column: Peter van Noord
Elke coach wil wel een ‘klootzak’ in zijn team hebben. Een team- speler, die zijn team over dode momenten weet te tillen, een speler die op het juiste moment in de wedstrijd een score maakt, een harde of opzettelijke fout begaat of zelfs opzettelijk een technische fout haalt. Een opstootje op het veld is vaak een middel om de vlam in de pan te doen slaan.
Verbaal geweld, beter bekend als het ‘trashtalking’ is ook ‘part of the game’ voor deze speller. En hij schuwt de confrontatie niet met de tegenstander. Diezelfde klootzak, die zich ook op de trainingen voor 100% geeft en zijn medespelers weet te motiveren en dusdanig weet te ‘triggeren’ dat zij zich aan hem ergeren en daardoor het beste uit zichzelf halen. De klootzak, die op het spannendste moment in de wedstrijd zijn contactlenzen kwijt is op het veld. Kortom: een team speller, die niet te beroerd is om ‘whatever it takes’ een wedstrijd te winnen. De klootzak is vaak ook nog de sfeermaker in de kleedkamer. Regelmatig wordt de vraag gesteld aan de ex-teamsporter wat hij het meest mist na zijn actieve carrière. Een veelvoorkomend antwoord is dat men het dollen en de kameraadschap als erg plezierig heeft ervaren. Kan belangrijk zijn, een goede sfeer in de kleedkamer voor het totale teambuildings plaatje… maar dat terzijde.
Tegenwoordig zie ik nauwelijks meer een ouderwetse Nederlandse klootzak op de velden. Ik ga hier niet een klaagzang houden dat vroeger alles beter was, maar de trainingen gingen wel op het scherpst van de snede en op de rand van het toelaatbare en dat vertaalde zich ook naar een intensiteit die men in de wedstrijden terugzag. De huidige Nederlandse klootzak is iemand die vooral zijn eigen imago (‘stats’) belangrijk vindt en als eerste op de tegenstander afstapt om zijn verontschuldigingen aan te bieden. ‘My Bad’ (sorry, mijn fout) hoor ik tegenwoordig om me heen. Verontschuldigingen in plaats van een teamgenoot op zijn donder geven. Dat hij ook maar eens een bal moet vangen of moet ‘passen’ in plaats van voor zichzelf te kiezen en het teambelang moet laten prevaleren. Ook bij ons in het basketbal zijn wat dat betreft de tijden veranderd. Gelukkig zit er verbetering in. De training is er om beter te worden, dag in dag uit. En daar hoort eerlijkheid, duidelijkheid en confrontatie bij. Dit geldt zowel voor het team , coaches als de organisatie. Peter Blangé verwoordde het reeds: “Kampioen word je niet met alleen maar vrienden om je heen.” Respect.
----------
Peter van Noord (zie FOTO) is in 1963 geboren in Amstelveen, was topbasketballer en tegenwoordig basketbalcoach. Hij speelde o.a. bij BV Amstelveen, Den Helder en Fresno University (USA). Hij kwam 97 keer voor het Nederlands team uit. Coach was hij o.a. voor het nationale jeugdteam, Leuven (Bel.) en Bluestream.




